Tom Kellerhuis – GROOT INTERVIEW Kunstenaar Rob Scholte: ‘HET NEUKEN GAAT ZELFS BETER ZONDER BENEN’

Rob Scholte (58) verloor ruim twintig jaar geleden zijn benen bij een nog altijd onopgeloste aanslag op zijn leven. Inmiddels heeft hij zijn eigen Rob Scholte Museum in Den Helder en is een expositie van zijn borduurwerk te zien in Museum De Fundatie in Zwolle. Scholte blikt terug op het kunstklimaat van toen, en op de bom.

Hoe gaat het met je?

‘Goeie vraag. Dan kan ik antwoorden: goed. En dat gaat het ook. Ik kan ook antwoorden met minder goed, maar dan moet ik allerlei dingen gaan vertellen. En als je daar geen zin in hebt, kun je het beste alleen maar zeggen: het gaat goed. Dan ben je van veel gedonder af.’

‘Het gaat slecht, maar verder gaat het goed,’ zegt Frits van Egters in De Avonden. Je hebt een prachtig eigen museum in het oude postkantoor van Den Helder. Alle reden tot vreugde toch?

‘En dan ben je nog niet eens in onze uitbreiding geweest. We zijn met enthousiasme aan de gang gegaan nadat de eerste schermutselingen met de gemeente waren afgelopen en we eindelijk overeenstemming hadden bereikt. Maar een week na het sluiten van de overeenkomst blijkt de gemeente de aan ons beloofde ruimte toch weer verhuurd te hebben. Dus ik kan die aansluiting niet maken met de rest van het gebouw.’

Het is een jarenlang touwtrekken tussen jou en de gemeente Den Helder over de uiteindelijke bestemming van dit gebouw. Waarom word je, denk je, zo gedwarsboomd?

‘Ik denk dat er meerdere redenen voor zijn. Maar om kort te gaan: ik ben natuurlijk een vreemde eend in de bijt hier in Den Helder. Het is een marinestad en ik vertegenwoordig heel iets anders dan het militaire complex.’

Wisten ze hier in Den Helder eigenlijk wel wie jij was?

‘Nee, dat denk ik niet. Ik had natuurlijk al veertien jaar geen pers gehad en ik was vaak in het buitenland. Dat hebben ze denk ik onderschat, want opeens doken er overal stukken in de media op.’

Word je er inmiddels niet gek van?

‘Nou, het begint wel een soort project te worden. De plek die dit museum in de wereld inneemt is een onderdeel van mijn kunst aan het worden. Dus ik zie dit wel als hoe de situatie in Nederland is en hoe de kunstenaar daarin past. En daar hoort dit gekonkel dus ook bij.’

Zou je niet veel liever weer in Amsterdam willen zitten, waar het ooit allemaal begon, weg van de kneuterigheid hier?

‘Ik denk juist dat het goed is dat ik niet in Amsterdam zit. In Amsterdam zou ik één van de vele attracties zijn. Hier is helemaal niets. En dit is een plek waar dingen ontwikkeld kunnen worden. Ik kan hier iets betekenen voor de stad.’

Mis je de Amsterdamse kunstscene niet?

‘Nee, die mis ik totaal niet.’

Was je er klaar mee na de aanslag op je leven in 1994 in Amsterdam, waarbij je beide benen verloor?

‘Ik ben natuurlijk altijd, vanaf dag één, een beetje klaar geweest met die kunstwereld. Ik ben erin terechtgekomen en noemde mezelf nooit kunstenaar, totdat anderen het gingen doen. Dan ontdek je dat je iets geworden bent. Mijn werk was aanvankelijk ook niet bedoeld voor de kunstwereld. Het was bedoeld voor de straat, voor de mensen. En ik zocht met mijn werk gelegenheden op die afweken. In 1987 heb ik Nederland daarom verlaten. Ik ben eerst naar Brussel gegaan, later naar Tenerife. Daar woonde ik behoorlijk afgesloten van de bewoonde wereld. En dat is dit ook eigenlijk: het einde van Nederland. En wat is het centrum van de wereld? Waar jij je op dat moment bevindt, want je maakt je eigen wereld. Ik geloof eigenlijk niet dat je in de buurt van mensen moet zijn om daar voordeel uit te halen. Hier ontstaat een heel ander soort communicatie. De mensen die hier komen, komen echt voor mij en mijn museum.’

Wat vond jij van het kunstklimaat in Nederland in de jaren tachtig en negentig?

‘Ik vond de kunst te gesubsidieerd. De BKR was weg, maar daar kregen we het plan Brinkman, van de voormalige minister van Cultuur, voor terug. Hij begon topkunst te financieren. Het probleem daarbij is: wat is topkunst? Wie bepaalt dat? Vervolgens komen er expertcommissies.

En zodoende krijg je dus voorgetrokken kunstenaars op grond van vriendjespolitiek. Ik wou niks meer met die kunstwereld te maken hebben en heb er zelfs een stuk over geschreven voor Het Parool. Daar staat dus boven: ‘Afschaffen, die subsidies’. Maar ik heb geen probleem met subsidies voor starters. Voor mensen die net van de academie komen, nog niet meteen in het circuit zitten en dus een overbruggingsfase nodig hebben vind ik dat prima. Jonge kunstenaars moet je helpen wat dat betreft. En je moet oudere kunstenaars die echt hun sporen hebben verdiend, en die op de een of andere manier zonder geld raken, ook helpen. Maar verder heb ik die subsidie voor topkunst altijd als een enorme concurrentievervalsing beschouwd.’

En hoe is de situatie nu?

‘De status van de kunst, zeker in Nederland, is heel erg veranderd.

De aanmeldingen op de academies lopen terug, ik las er net een stuk over. De glans is er natuurlijk af. Het is een linkse hobby geworden. En zo is het neergezet door een aantal politieke partijen. Er is in Nederland natuurlijk nooit zoveel glamour geweest.’

Vind je dat niet jammer?

‘Nee, welnee. Er gebeurt genoeg. En ik probeer me niet meer te ergeren.’

Je bent veel rustiger gaan leven.

‘Je wilt in het ritme van je kinderen passen.’

Je had na wat jou is overkomen, ook naar de kloten kunnen gaan.

‘Ik ben nooit suïcidaal geweest. Ik heb altijd een soort overlevingsdrang gehad.’

Heb je het idee dat je zelf destijds serieus genomen bent door justitie?

‘Nooit. Nimmer. De eerste vraag die aan me gesteld werd toen ik uit coma kwam was of ik het zelf gedaan had. Merkwaardig toch?’

Denk je dat het de bedoeling was jou te doden?

‘Nee, dat denk ik niet meer.’

De kans op herhaling was dus gering?

‘Ja maar dat wist ik toen nog niet. Ik werd wakker van de intensive care en toen werd de bewaking opgeheven. Op het moment dat ik van die kamer kwam, trok de politie zich terug, want er was sprake geweest van een persoonsverwisseling. De bom was voor advocaat Oscar Hammerstein bedoeld die in exact dezelfde auto reed, werd ons verteld. Haha! Later heeft hij dat stellig ontkend, maar ik moest ineens mijn eigen fucking bewaking regelen. Jezus, daar ben ik echt op leeggelopen. Maar dat is maar één elementje in deze lange nog steeds onopgeloste geschiedenis.’

De aanslag is na 22 jaar nog steeds niet opgehelderd en inmiddels verjaard. Vermoed je nog steeds dat de bom uit kunstkringen kwam?

‘We hadden in de jaren tachtig te maken met een gecriminaliseerde kunstwereld. Kunstenaars die in ruil voor werk onderdak en geld kregen en drugsdeals sloten met criminelen. En ik deed daar niet aan mee. Er is mij ooit een aanbod gedaan voor een schilderij per maand door een sportschool. Maar ik maakte hooguit achttien schilderijen per jaar, dus ik was al mijn werk eraan kwijt geraakt.’

Jij hebt het postmodernisme in Nederland op de kaart gezet, je bent een van de grondleggers ervan.

‘Jazeker. Ook dat is, vermoed ik, een van de onderliggende dragers van die aanslag. Ik gebruik materiaal van anderen dat ik in mijn werk verwerk. En een dief verdient het niet beloond te worden voor diefstal.

Dat is de visie van deze mensen die erachter zitten. Maar dat is maar één laag. Er zijn meer lagen. Maar ik kan er niet over praten, want de vorige keer heb ik erover gepraat en ben ik ervoor veroordeeld. Kijk, ik heb me wel gerealiseerd dat ik de rand naderde van wat gezegd mocht worden. Maar smaad is vergeeflijk als het uit lijfsbehoud is of een publiek belang dient.’

Had je de dader of daders veroordeeld kunnen krijgen?

‘Nee. Kijk, dat er door mij smaad gepleegd was, kon worden bewezen, omdat het andere niet is bewezen. Maar het bewijst geen onschuld.

Want er is helemaal geen onderzoek gedaan naar mijn bewering. Er is alleen geconstateerd dat ik smaad heb gepleegd. En dat is een fout die ik natuurlijk niet nogmaals maak.’

Waren die beschuldigingen achteraf slim?

‘Nee. En het is een van de redenen waarom ik de enige veroordeelde ben in mijn eigen zaak. Maar die status blijf je altijd houden en ik kan niet ontkennen dat dat invloed heeft op mijn gemoed.’

Ben je er nog dagelijks mee bezig?

(Diepe zucht:) ‘Nee, ik ben er niet dagelijks mee bezig, ik heb wel betere dingen te doen.’

Ben je er inmiddels klaar mee?

‘Ik ben er wel klaar mee. Het probleem is: ik kan het ze wel vergeven, maar vergeten doe ik het natuurlijk niet. Maar ik denk dat die mensen het zichzelf niet kunnen vergeven.’

Waar heb je al die tijd van geleefd?

‘Ik kwam volkomen blut uit die toestand, dus ik moest heel hard werken om weer wat geld te verdienen. De laatste 10.000 euro is zonder toestemming van mij door Micky (Hoogendijk, Scholtes toenmalige vrouw, red.) van mijn rekening gehaald voor kunstbenen. Ik heb eigenlijk altijd geleefd van mijn werk. En dat is beter en slechter gegaan. Je kunt zeggen: ik heb van de wind geleefd.’

Je geeft eigenlijk niet om geld?

‘Nou, het is fijn als het er is, maar ik begin me er eigenlijk pas druk om te maken als het er niet is. Kunstenaars zijn gedwongen om er makkelijk over te zijn. Maar ik weet niet of ze er echt makkelijk over zijn. Ik heb geen stash of cash of een dikke bankrekening.’

Je hebt wel een gezin met twee kids te onderhouden.

‘Als er geen werk is, zijn er ook geen inkomsten. Dus je moet altijd iets doen om geld te krijgen. En de druk wordt natuurlijk niet kleiner met een gezin.’

En je koos bewust voor een mediastilte.

‘Er werd niet over bericht, maar ik deed wel tentoonstellingen.’

Maar niet meer bij de avant-garde galeries.

‘Nee. Waar ik niet verkocht, was ik niet. Maar je kunt ook zeggen dat de achterstand die ik heb opgelopen een soort voorsprong is geworden. Want in de luwte heb ik heel veel dingen kunnen doen en maken.’

Anders was je misschien wel door de druk bezweken.

‘Dat had heel goed gekund, ja. En persoonlijk denk ik dat ik het niet gered had. Ik was een beetje te arrogant aan het worden.’

Blasé?

‘Ja, dat is het woord. En dat is natuurlijk overgegaan in nederigheid. Want ik kon onmogelijk die arrogantie staande houden in mijn nieuwe lichaam. En verder: je bent een optelsom van je daden. Dus je kunt natuurlijk pas aan het eind bedenken of het nou goed of niet goed is geweest. Het laatste oordeel ben jezelf.’

Heb je spijt van dingen?

‘Nee, helemaal niet. Daar ben ik ook wel blij om. Je kunt de dingen die gebeurd zijn niet opnieuw doen. En sorry zeggen slaat nergens op.’

Ook niet van die arrogantie?

‘Het werd inderdaad vaak gezegd, maar het viel wel mee. Ik had gewoon weinig tijd. Dus dan heb je ook geen tijd om met iedereen te lullen. Ik ben nooit anders geweest.

Als je heel erg gespitst bent op wat je wilt, dan offer je daar ook zaken voor op. Sociale dingen die ik achterwege liet. Je kunt niet alle brieven beantwoorden die je krijgt. En daarbij: je hebt er niet om gevraagd.

Je stelt ze wel op prijs. Je waardeert ze ook als je ze leest, maar de moeite die het je kost om ze allemaal te beantwoorden vind ik gewoon heftig.’

Gekke vraag misschien, maar is het achteraf gezien goed geweest dat dit is gebeurd?

‘Dat is moeilijk om te zeggen. Heeft het me goed gedaan? Nee, dat niet. Het heeft me veranderd, en ook weer niet. De kern is hetzelfde gebleven, al ben ik natuurlijk niet meer die mooie jongen die ik eerst was. En mijn carrière is toen vernield. Ik was al een tijdje weg uit Nederland, maar ik kon daarna niet meer zo sociaal meedraaien als daarvoor. En ik had geen auto meer. Je kunt niet even bij iemand langs. Ook mijn relatie was naar de kloten, dat was eigenlijk nog het beste wat me is overkomen.’

Je was pas getrouwd met Micky Hoogendijk, zij kreeg bij de aanslag een miskraam. Goed dat de relatie met haar voorbij was, zeg je?

‘Dat is zeker waar, want daardoor kon ik mijn eigen seksualiteit opnieuw uitvinden met die twee stompjes. Ik heb nu een heel mooie vrouw, dus wat dat betreft heb ik niks verloren. Je denkt dat je seksueel niks meer betekent als je hebt meegemaakt wat ik heb meegemaakt. Het tegendeel is waar. Het gaat helemaal niet om die ledematen. Het gaat om heel andere dingen.’

Je kunt nog steeds goed neuken?

‘Ik denk zelfs dat het beter gaat want ik heb geen benen, dus er zit niks in de weg. Kijk, de amazones hakten de benen van hun minnaars af omdat ze dan niet konden weglopen.’

Alleen was je lul opeens langer dan je benen?

‘Dat dus. Haha. En het is nog echt waar ook, ja.’

Hoe pis jij?

‘Zittend natuurlijk, wat denk je? Gewoon vanuit mijn rolstoel. Alleen als ik moet kakken ga ik op de pot zitten, maar dat doe jij toch ook?’

Ik plas overal.

‘Ik pis ook overal en het liefst buiten, want in de meeste wc’s pas ik niet met die rolstoel. En als er al een gehandicapten-wc is, dan is die vaak krankzinnig: ze steken de ogen uit van de gewone mensen. Het zijn heuse kamers. En waarom overal die fucking touwtjes langs de muur? Ik vind het een soort criminaliseren van de gehandicapten.’

Mis je de roem en de glamour van vroeger niet een beetje?

‘Weet je wat het is? Ik heb heel veel erkenning gekregen van kunstenaars omdat ze zijn gaan nadoen wat ik deed. Als jij met je stijve piel in de BEV (een kunstzinnig tijdschrift, red.) staat en dan komt daarna Jeff Koons, en daarna Madonna met haar seksboek… Er zijn veel dingen die ik in mijn werk al gerealiseerd heb en niet meer hoef te doen. Ik ben niet iemand die zichzelf daarin wil herhalen. Dus die erkenning komt eigenlijk het meest vanuit de kunst zelf. Doordat mensen zich op je werk richten of dingen overnemen. En de officiële erkenning à la Koons of Damien Hirst… Ja, misschien dat die nog komt. Ik sluit het helemaal niet uit. Ik heb natuurlijk ook met Larry Gagosian (een van de belangrijkste galeriehouders ter wereld, red.) geluncht. Het lag allemaal klaar, alleen heeft de aanslag op mijn leven daar toen een streep door getrokken.’

Het lijkt zelfs wel alsof je het tegenwoordig vervelend vindt om herkend te worden.

‘Ik word veel makkelijker herkend. Een normaal mens trekt een regenjas aan en hij ziet er anders uit. Bij mij zit ie meteen tussen mijn spaken. Ik kan alleen korte jackies dragen, een colbertje is al te lang. En een ander probleem is: mensen denken dat ze je kennen, maar ze kennen je helemaal niet. Je bent als mediapersoonlijkheid natuurlijk publiek bezit. Daar kom je ook niet na veertien jaar mediastilte vanaf. Nou, daar heb je soms helemaal geen trek in. En dat wordt natuurlijk weer ervaren als een soort van arrogantie. Dat is in wezen niet arrogant maar ongeïnteresseerdheid of lamlendigheid mijnerzijds. Of omdat ik gewoon zin heb om iets anders te doen. Ik hoef anderen niet te pleasen. Ik vind al dat we heel erg geleefd worden door anderen, vanaf onze vroege jeugd. Alles wordt gereguleerd volgens bepaalde patronen. En je mag niet aan die ongeschreven regels tornen. Maar je hele opvoeding is erop gericht om binnen die regels te passen en daarmee wordt natuurlijk veel vernietigd wat mensen eigen maakt.’

Toch heb jij nooit kunst gemaakt die dit soort zaken aan de orde stelt.

‘Ik heb juist altijd dat soort kunst gemaakt. Maar niet plat. Als je de achterkant van dingen laat zien, zoals ik nu doe met mijn borduurwerken, laat je ook zien wat er buiten het cameraoog gebeurt. Want de camera laat alleen de geënsceneerde werkelijkheid zien.’

Je moet je eigen essays gaan schrijven. Ik denk dat je dat beter kunt dan…

‘…schilderen, ja. Hahaha! Schilderkunst heeft dit eigenlijk als onderwerp. Dat gaat over kijken, over perceptie. Als Marcel Duchamp een plee in een museum zet, is dat wat hij doet. Je ervaart dat die er niet thuis hoort. Dat is wat er gebeurt.

En die ervaring is het begin van anders naar de wereld kijken. Of neem het kubisme: de voor-, achter- en zijkant tegelijkertijd van iets of iemand willen laten zien. Wat ook niet kan. Dat zijn allemaal perceptievragen. Goeie schrijvers stellen die ook.’

Die veranderen het beeld.

‘Jazeker. Muziek, literatuur, alle kunsten op hun manier. Maar de beeldende kunst gaat expliciet over kijken en waarnemen. En ook wat niet gezien wordt. Wat je niet afbeeldt, is vaak veel belangrijker dan wat je wel afbeeldt.’

Vind je dat je uiteindelijk de erkenning hebt gekregen die je verdient?

‘Ik vind dat ik kunsthistorisch wel erkenning heb gekregen en nog steeds krijg ook. Dat geloof ik wel. Ik denk niet dat je over de jaren tachtig kunt nadenken zonder Rob Scholte.’

Rob Scholte’s Embroidery Show is t/m 18 september te zien in Museum De Fundatie in Zwolle.

NIEUWE REVU ONTMOET ROB SCHOLTE

Waar? Op de bovenverdieping van zijn kantoor in het Rob Scholte Museum te Den Helder.
Hoelang? Van 14.00 uur tot 19.30 uur. Nog wat genuttigd?
Koffie, een fles Prosecco en een fles witte wijn uit de voorraad van Rob. Verder nog wat? Hier mag stevig gepaft worden, en dat gebeurt dan ook constant. Aan het eind van het gesprek laat de schilder pizza’s aanrukken, voor zichzelf, vrouw, dochter – zoonlief is niet thuis – en de verslaggever, die een vorkje mee prikt.

http://revu.nl/nu-in-revu/het-neuken-gaat-zelfs-beter-zonder-benen/

http://revu.nl/

1 Comment

  1. Neuken zonder benen;

    Een vertegenwoordiger belt aan bij een pas gescheiden mevrouw. Vertegenwoordiger: “Heeft u misschien interesse in de cursus koken zonder gas?” Mevrouw: “Op zich wel, maar ik heb net een vertegenwoordiger binnen van de cursus naaien zonder garen”.

    (prepper grap).

Comments are closed.