Micha Kat – Lees mee met vluchteling Micha Kat (79): Irvin D. Yalom | Lying on the Couch

Psychiatrie speelt een belangrijke rol in de geschiedenis van mijn familie; zowel mijn overgrootvader en mijn grootvader (van vaders kant) waren psychiaters en niet de minsten (zie met name deel 14 van deze serie: https://robscholtemuseum.nl/micha-kat-lees-mee-met-vluchteling-micha-kat-14-frederik-van-eeden-van-de-koele-meren-des-doods/). Zelf heb ik ook ‘op de bank gelegen’ bij een zooitje zielenknijpers. Dat begon in de nadagen van mijn huwelijk in 1992 -toen ik nog dacht, dat mijn diepe ellende niet aan mijn huwelijk lag, maar dat er ‘iets mis was’ met mij – en duurde tot mijn ‘scheiding’ van Annemarie in 2004. Ik schat, dat ik een psychose of zes heb versleten. Terugkijken op dit alles anno 2019 moet ik concluderen, dat de bron van al mijn ‘ellende’ destijds niet was een ‘geestelijke afwijking,’ of een – al dan niet in de DSM 5 (https://www.huffpost.com/entry/dsm-5-unveiled-changes-disorders_n_3290212) opgenomen – ‘mental disorder’ (waarvan er thans meer dan 300 ‘officieel zijn erkend’), maar een verstikkende samenwoon relatie met een vrouw. Nadat ik stopte met het consulteren van psycho’s ging ik overigens gewoon door met het samenwonen met vrouwen, onder meer in Kazachstan (deel 25: https://robscholtemuseum.nl/micha-kat-lees-mee-met-vluchteling-micha-kat-25-paulo-coelho-de-zahir/) en Laos (deel 22: https://robscholtemuseum.nl/micha-kat-lees-mee-met-vluchteling-micha-kat-22-jef-geeraerts-de-ambassadeur/) – eveneens met rampzalige gevolgen. In feite ben ik pas een jaar of tien volledig ‘stand alone’ qua leefsituatie en nu gaat het geestelijk beter met me dan ooit. Dit wil overigens helemaal niet zeggen, dat ik niet kan of wil samenwonen met een vrouw, of dat dit ‘niet voor mij zou zijn weggelegd’. Alles is voortdurend in verandering – ikzelf, mijn omstandigheden, de vrouwen – er is gewoon geen peil op te trekken en wat vroeger niet kon of mogelijk was, zou nu wel heel goed kunnen worden gerealiseerd. Waar ik wel duidelijk over kan zijn is over de kwaliteit van de zielenknijpers, die mijn rotsig levenspad kruisten: allerbelabbertst. Alle sessies waren wat mij betreft een aanfluiting en op sommige momenten moest ik mijn kaken stevig op elkaar klemmen om niet in lachen uit te barsten. De hele ‘on the couch psychiatrie’ is een hoax, een leugen, een hype, die nu trouwens in ijltempo aan het verdwijnen is ten gunste van vergiftiging met allerlei chemicaliën onder de vlag van ‘antidepressiva’ – wat nog veel erger is. In feite is er niets deprimerenders op aarde dan de psychiatrie, die in de geschiedenis eigenlijk alleen duidelijke en concrete ‘resultaten’ heeft opgeleverd als het in opdracht van de macht werd ingezet als middel om politieke tegenstanders uit te schakelen – dit heeft het OM bij mij trouwens ook geprobeerd toen ik een probleem ging vormen voor pedofielen en criminelen in toga. In dit verband moet ook de naam worden genoemd van Erwin Lensink – maar er zijn er waarschijnlijk duizenden in ons land. Het OM probeerde mij niet alleen gek te laten verklaren door een van hun pedo psycho’s (de beruchte Ruud Bullens van onder meer de Schiedammer Parkmoord) maar huurde ook de – eveneens beruchte – Bram Bakker in om mij op tv te ‘diagnostiseren’ als ‘iemand, die elk moment iemand kan neersteken met een mes’. Bakker overtrad hiermee een van de belangrijkste regels van zijn vak: een psychiater mag zich nooit in diagnostische zin uitlaten over iemand, die hij niet heeft gezien. Maar zoals gezegd, het vak, het beroep: het zijn hoaxen.

De waanzin – en de enorme gevaren – van de psychiatrie worden op indringende wijze beschreven in de boeken van de Amerikaanse psychiater Irwin D. Yalom. In zijn roman Lying on the Couch uit 1996 beschrijft hij het mechanisme van de ‘countertransference’ in therapeutische situaties. Dit komt erop neer, dat de psychiater tijdens de sessie niet bezig is zijn patiënt te helpen, maar dat hij via zijn patiënt zichzelf probeert te ‘counselen’. Veel psychiaters hebben bijvoorbeeld seksuele problemen en onzekerheden en die ‘schieten ze dan af’ op hun klanten met als doel zelf voordeel te behalen uit hun antwoorden. Concreet: een psycho heeft erectie stoornissen. Dan gaat hij het in een sessie daarover hebben : ‘heeft u wel eens erectie stoornissen? Wat gaat er dan door u heen? Heeft u hiervoor bepaalde oplossingen?’ Hiermee is dus een situatie gecreëerd, die honderd procent tegenovergesteld is aan wat die lijkt te zijn: de psychiater is de patiënt en de patiënt is – zonder het zelf te weten – de therapeut. Hoe groot en concreet dit probleem is, blijkt ook uit een verhaal, dat de ronde deed op de universiteit toen ik daar in 1981 ging studeren. Of het een echt verhaal is of een ‘urban myth’ weet ik niet, maar er werd gezegd, dat studenten psychologie op hun eerste college te horen kregen: ‘iedereen, die hier zit, omdat hij of zij zelf problemen heeft, kan beter nu opstaan en een andere studie kiezen’.

Ook een van mijn beste vrienden is psychiater, een van de bekendste van Nederland. Ik leerde hem kennen in 1982 toen we terechtkwamen in hetzelfde studentenhuis. Hij verzuchtte ooit tegen mij, dat het beste advies, dat een psychiater kan geven in feite is: ‘beste man of vrouw, wat u moet doen is ogenblikkelijk op de rails gaan liggen en u laten doodrijden door een trein. Ik had al na enkele minuten door, dat uw casus totaal hopeloos is en geen enkel perspectief biedt. Ik raad u met klem aan zo snel mogelijk uit het leven te stappen. Voor uw eigen bestwil, maar ook voor uw omgeving, die u niet langer kan en mag confronteren met uw ellendige bestaan’. Want zo’n advies triggert de autonome wil tot survival bij de mens – en dat is de enige echte kracht, die genezing kan bieden in tijden van geestelijke nood. Maar ja, een psychiater, die zo’n advies geeft, wordt ogenblikkelijk geschorst door de ‘beroepsvereniging,’ waarmee opnieuw duidelijk wordt hoe de complete samenleving en de complete ‘infrastructuur van de instituties’ gericht is op falen, op bedrog, op het dienen van uitsluitend de belangen van de (beroeps)groep zelf. De anekdote over het eerste college Psychologie lijkt overigens bij uitstek van toepassing op deze vriend, want hij gaat zelf al jaren lang gebukt onder hevige en voortdurende depressies. Wellicht, dat ik daar nader op in ga in een apart hoofdstuk in deze serie – en op de rol, die hij in mijn leven speelt. Maar garanderen kan ik dat niet, want het einde komt langzaam, maar zeker in zicht, en er is nog zoveel te vertellen!

Meer informatie:
https://robscholtemuseum.nl/?s=Micha+Kat
https://mijnlevenin100boeken.com/
https://robscholtemuseum.nl/?s=Erwin+Lensink
https://robscholtemuseum.nl/?s=Bram+Bakker

1 Trackback / Pingback

  1. Micha Kat – Lees mee met vluchteling Micha Kat (80): Robert Schoemacher | Als je haar maar goed zit, berichten van het cosmetisch chirurgisch front | Rob Scholte Museum

Comments are closed.