Kees Engelhart – Fantastische Vertellingen (45): DE STOKOUDE MAN DIE OOK NOG EEN DWERG WAS

Je ziet een stokoude man in wielertenue staande naast
Zijn wielrenfiets zijn rechterhand rust hij heeft zijn
Racehandschoentjes nog aan op het linkergedeelte van
Zijn wielrenstuur zijn rechterarm hangt moegestreden
Naast hem neer de stokoude man draagt een wielerpetje
Waarop gedrukt staat mercier somber en krachtig met
Wellicht een wrange glimlach maar ook vol ongeloof
Staart de stokoude man naar iets in het niets zijn
Wielertenue vertoont vele sporen van harde strijd de
Stokoude man is uit de wedstrijd genomen wegens
Tijdsoverschrijding

De lange laatste bergrit zwoegde de stokoude man voort
Verbeten strijdend tegen het peloton dat verder en
Verder van hem wegrijdt het einde nadert zijn lijkzang is
Op de heuveltop al hoorbaar de stokoude man leefde
Niet naar de mores van de edele wielrensport de
Stokoude man drinkt en zijn voedingspatroon was
Beneden alle peil slecht in vorm meldde hij zich bij
Belangrijke wielerevenementen en dan viel de stokoude
Man vaak in zijn vermetele en vervaarlijke pogingen iets
Van vorm met onmiskenbaar geweld te forceren

Alles wat de stokoude man maar breken kon heeft hij in
Zijn lange loopbaan gebroken kijk daar staat hij nu en
Hij kan het niet geloven de jongeman vlak achter hem
Weet ook niet goed wat met dit buitennissige geval aan
Te vangen en het is goed te weten dat er altijd troost is
In dit geval in het park der prinsen waar de stokoude
Man minutenlang wordt toegejuichd wanneer hem de
Eer verleend wordt de glorieuze winnaar van de ronde in
Zijn zegekrans te steken fijngevoelig als de
Toeschouwers zijn beseffen zij dat de stokoude man zijn
Laatste ronde gereden heeft