Jan Kuitenbrouwer – Beatrix Ruf: pek en veren, een gerechte straf

De affaire Beatrix Ruf markeert een nieuw tijdperk in de verstrengeling van de publieke sector en de markt, dankzij het naïeve, modieuze marktdenken van de politiek. Directeur van het Stedelijk Museum Ruf vertrok 17 oktober na de onthulling, dat zij naast haar fulltimebaan als directeur in het geheim een adviespraktijk van ruim vier ton per jaar runde. Daarbij raakten belangen van de directeur verstrikt met die van de adviseur. Ook maakte Ruf twijfelachtige deals met verzamelaars en bruikleengevers, die zij buiten de boeken hield.

De term ‘marktdenken’ is in feite misplaatst. Wat altijd weer opvalt, is dat les één bij elk privatiseringsarrangement — ga uit van maximale kwade trouw bij marktpartijen, dan kan het alleen maar meevallen — zelden in praktijk wordt gebracht.

Toezicht

Onder Ruf bestond de raad van toezicht onder meer uit een vastgoed miljardair, een hightech miljonair, nog een hightech miljonair en een beursmagnaat

Zo werd voor semi publieke instellingen, zoals ziekenhuizen, scholen en musea een nieuw bestuursmodel geïntroduceerd. In plaats van een bestuur, dat het beleid maakt en een directie, die het uit voert, kwam het RVT model, waarbij een machtige en autonome directie beide doet, met daarnaast een ‘raad van toezicht.’ Het paste perfect in de tijdgeest: de publieke sector ging bedrijfje spelen en kopieerde het raad van bestuur/raad van commissarissen-model uit het bedrijfsleven. Met dit verschil, dat in een raad van commissarissen de aandeelhouders van het bedrijf vertegenwoordigd zijn, die de directeur naar huis kunnen sturen als hij hun belang schaadt. Het is immers hún geld.

Naar analogie zou in een raad van toezicht de ‘publieke aandeelhouder’ een grote stem moeten hebben, oftewel: de belastingbetaler. De praktijk is anders. Onder Ruf bestond de RVT van het Stedelijk Museum uit: een vastgoed miljardair, een hightech miljonair, nog een hightech miljonair, een beursmagnaat, een beeldend kunstenaar, een Duitse kunsthistorica, een hoogleraar mediarecht en de ‘substituut ombudsman’. Het Stedelijk Museum ontvangt € 20 miljoen subsidie per jaar, van het Rijk en van de gemeente Amsterdam, maar geen van die overheden is in zijn ‘bestuur’ vertegenwoordigd, zelfs niet indirect. Krankzinnig!

Sinds de invoering van dit ondeugdelijke RVT model doen zich dus ook geregeld affaires voor met in de hoofdrol een ‘dominante bestuurder’, zoals het dan eufemistisch heet, en een raad van toezicht, die toezien verwarde met toekijken en het allemaal liet gebeuren. Geen wonder, zulke raden vergaderen vier keer per jaar en zelden in hun volledige samenstelling, want de moderne toezichthouder zit meestal in een trits van zulke raden, met alle agendaconflicten van dien. En al zouden zij wíllen ingrijpen: zij maken het beleid niet. De meeste governance experts zijn het er ook over eens, dat het RVT model niet werkt, maar ja, schaf zo’n ideologisch paradepaardje maar eens af.

Dat Ruf haar functie ge/misbruikte ten behoeve van een geheime privé nering en diverse dubieuze transacties buiten de boeken hield, is dus helemaal niet verbazend. Als je een governance model kopieert uit het Italië van Berlusconi of het Rusland van Poetin, komen de Italiaanse en/of Russische toestanden vanzelf.

En we beginnen eraan te wennen. Een belangrijke sponsor van het Stedelijk bijvoorbeeld, Paul Geertman van Aedes Real Estate, werpt zich in de media op als verdediger van Ruf en probeert haar ontslag af te doen als een destructieve mediahype. Van een sponsor zou je in zo’n situatie enige gêne verwachten: wie geschoren wordt, et cetera. Maar deze firma vindt zelfverrijking en fraude blijkbaar best verdedigbaar. Het Parool had vorig weekend een groot stuk over de vraag, of het vertrek van Ruf een verlies voor de stad en het museum is. Alsof haar inhoudelijke verdienste misschien toch onvoldoende was mee gewogen, en het überhaupt een optie zou zijn geweest haar te handhaven!

Bijbaan

Stedelijk Museum-directeur Beatrix Ruf runde in het geheim een adviespraktijk voor vier ton per jaar.

Beatrix Ruf vertegenwoordigt een nieuwe diersoort: de elitaire avant-gardist, die zich onbekommerd uit levert aan het grote geld en de commercie. Ooit had je twee kunstwerelden: het gesubsidieerde circuit en de ‘vrije sector’. De eerste maakte met publiek geld moeilijke kunst voor een elitair publiek van fijnproevers, de andere maakte toegankelijke kunst voor een breed publiek, voor eigen winst en risico. Verwende hobbyisten, die hun eigen broek niet kunnen ophouden versus platte kooplui, die geld verdienen met makkelijk vermaak. Zwaar gesubsidieerde opera versus zwaar winst gevende musicals. Ivo ten Hove versus Joop van den Ende. De affaire Ruf laat zien hoe die schijnbaar strijdige mentaliteiten in het hedendaagse kunstbedrijf ook samen kunnen gaan.

Het pak, waar Beatrix Ruf de Nederlandse belastingbetaler in genaaid heeft, is dubbel gestikt: een cultuur van financiële belangenverstrengeling en zelfverrijking, en een praktijk van obscuur (en politiek correct) avant-gardisme voor de happy few. Het neoliberale evangelie van de marktwerking gecombineerd met gestaag kelderende bezoekcijfers. De volksmond heeft hier ook een uitdrukking voor: links lullen, rechts zakkenvullen.

Het is hoog tijd, dat het Stedelijk Museum de RVT constructie opdoekt en weer een ouderwets bestuur krijgt, dat de koers uit zet, het publieke belang bewaakt en tot verantwoording kan worden geroepen. Want als één kunstbestuurder ooit het VVD/PVV vooroordeel bevestigde, dat de kunstwereld uit ‘subsidie slurpers’ bestaat, die het systeem gebruiken voor hun ‘linkse hobby’s’, dan is het Beatrix Ruf. Pek en veren zijn haar gerechte straf.

fd, 27 oktober 2017

Reacties:

“.. in een raad van commissarissen de aandeelhouders van het bedrijf vertegenwoordigd zijn” ?
20:57 | 27-10-2017 Dhr. Grote

Wie zegt dat Ruf links was en zou zij daarmee een vertegenwoordiger zijn? Merkwaardig overigens dat elders de mensen het verschil niet weten tussen omzet maken en verdienen. Ook de suggestie dat met een normaal tarief zij eigenlijk fulltime met haar bedrijfje bezig geweest moest zijn is natuurlijk flauwekul. Zij hanteerde geen normale tarieven en leverde waarschijnlijk advies tegen aangenomen prijs waarbij zij klaarblijkelijk goede afspraken wist te behalen. Als zij voor een bemiddelingetje een Euro 100.000 wist te halen en dat in een paar weekenden wist te klaren kun je wel aan Euro 400.000 omzet komen.
Overigens is het wel volstrekt ongewenst dat een directeur van wat dan ook zich zo opstelt. Dit zou geen enkel bestuur accepteren. Eigenlijk handelt zij makkelijk tegen haar eigen werkgever en bovendien zit haar omzet in de verkoopprijs die wellicht bij de eigen werkgever terecht komt.
23:02 | 27-10-2017 Dhr. Zaan

Wat een wazig verhaal. Ook een zetbaas als deze dame zou een arbeidsovereenkomst moeten hebben dat ze zich volledig inzet voor haar baan en dat neven activiteiten niet zijn toegestaan. Als ze een professionele loonslaaf was geweest dan had ze kunnen bedenken dat dit niet goed gaat.
08:05 | 28-10-2017 Dhr. Schouten

Gezond wantrouwen.
Want vertrouwen is goed, maar contrôle is beter.
En inderdaad, wij moeten als koopmansvolkje leren van onze fouten.
Maar mag ik nog een oplettend makende zegswijze in het hoenderhok gooien (?): ‘boter op het hoofd’.
Deze dame Ruf mag dan door de mand zijn gevallen, maar wie hebben dat mogelijk gemaakt?
En vertel mij niet, dat de politiek ‘te suf en nuffig in eigen rookgordijnen verkeerde’, dat zij zich niet realiseerden, dat ze de poort voor graaierij openzetten.
‘Die politici zijn zich altijd bewust (echt waar), van tot hoever de dealtjes anderen gelegenheid geven ‘ermee weg te komen’, zolang ze maar niet door de publieke opinie op de strontkar worden gezet.
Eh, in de advocatuur weet men, dat de enkele zinsnede, ‘dat betrokkene zich garant dient te stellen middels een bankgarantie tegen schade door belangenverstrengeling’, heel goed werkt.
Ofwel, dat graaister Ruf zich moet realiseren, dat haar oneigenlijke zelf verrijkingen op haar verhaald moeten gaan worden, omdat zij bij het aangaan van haar betrekking een bankgarantie moest aanbieden.
Kijk, dan liggen de kaarten anders dan ‘nu’, waarin alsnog deze dame er met de buit vandoor kon gaan.
Dan zou de bank haar terugbetaal verplichting voldoen, en dan kon achteraf (jarenlang desgewenst) geprocedeerd worden, ‘of en tot hoever deze zelfverrijking terecht was, gezien de protocollen en richtlijnen over bijbaantjes via rechtspersonen naast haar officiële betrekking’.
Het kan dus wel; de zaken juridisch dichttimmeren; en je fiets op slot zetten.
Maar ja, ‘wie oh wie heeft er politiek boter op het hoofd ?’
Want over de mede-daders en de mede-mogelijk-makers horen wij niets.
En dat betekent, dat als er niet stevig wordt verbeterd, de volgende keer deze berovingen-bij-daglicht alsnog herhaald worden. Alleen dan weer wat meer geslepen, wat verfijnder-gluiperig, zodat de kans op ontdekking verminderd is. Amsterdam en politiek, het stinkt er, het meurt er uren tegen de wind in; ‘ze’ ruiken het zelf al niet meer, maar dat is omdat ze te lang in hun eigen walm staan.
(wordt vervolgd; wordt herhaald; de put. het kalf. maar politici in Nederland verhinderen, dat zelfs na zo’n zelfgeschapen berovings-incidentje, de put gedempt wordt)
12:03 | 28-10-2017 Paul Meijer

Goede analyse van het kantelen van het Directie/Bestuurs model naar de alleenheersende directie.
Ook bij woningcorporaties zorginstellingen en uitvaartverenigingen valt dit te constateren.
Maar ik denk dat deze putten nog lang niet gedempt gaan worden.
21:48 | 28-10-2017 Dhr. Mock

https://fd.nl/opinie/1224544/beatrix-ruf-pek-en-veren-een-gerechte-straf