Henriette Bucciarelli – Ook mevrouw Bulte dwaalt door het leven (47): Dolle Mina

De dolle Mina‘s hebben de wereld ontwricht, denkt mevrouw Bulte. Ze ziet het duidelijk om zich heen. Al die opgeschoren jongeren, die langs haar raam lopen. Ze hebben nooit een theepot met een Mariakaakje gekend. Dat zie je op een of andere manier aan de hoekigheid van hun kleding. Als kleine dreinende kinderen schreeuwen ze in het niets. Ontberende klanken stoten ze uit. Niet dat zijzelf zoveel ervaring heeft met Mariakaakjes. Welnee. Maar ze gelooft wel in de logica van de massa. En als men massaal ‘s middags thee drinkt, dan is daar gewoon een goede reden voor.
Sinds kort houdt mevrouw Bulte zich bezig met de psychiatrische geest. Nou, daar is wat aan het handje, hoor! Mevrouw Bulte snuift. De helft van de mensheid schijnt geestelijk ontwricht te zijn. Er staat in de Groene Amsterdammer een heel artikel over in. Mensen, die nog nooit naar de psychiater geweest zijn, moet je met een lantaarntje zoeken. Rijen dik staan ze te wachten voor een deur ,die niemand binnen wil gaan. Dat moet toch een oorzaak hebben. En aangezien alles in de vroege
jeugd geschiedt, moet hij daar liggen.
Mevrouw Bulte heeft het altijd al tegennatuurlijk gevonden, dat een kind na een paar weken van de borst wordt gestoten, omdat de moeder zich in haar mantelpak moet hijsen.
Ja, het mag wel, maar de moeilijkste taak op aarde wordt haar al in de schoot geworpen. Ga er maar aan staan, de stekels van het leven verwijderen voor anderen zonder zelf eens een kussentje te krijgen. Want zo was het vroeger. Maar respect daarvoor kreeg de vrouw niet en uiteindelijk kwam ze in opstand. Want reken maar, dat ze het wat makkelijk vinden, die kerels, om lekker bediend te worden. Zo’n bolwerk geef je niet gauw op. Daarom dacht de vrouw, wacht maar, wat jij kan, kan ik ook.
Maar het liep scheef. En nu zit de vrouw met een dubbele rol.
Ze moet en uit werken en thuis de boel doen. Ach ja, soms bereik je het tegenovergestelde van wat je wil. Zo is het lieve leven nu eenmaal. Mevrouw Bulte zucht, terwijl ze roerloos in haar stoel zit. Ze is zelf een oude vrouw en hoeft gelukkig niet meer, maar in de tegenwoordige tijd hadden ze haar laten sneeuwruimen, hoor! Met blauwe, opgezwollen handen.
Mevrouw Bulte kijkt naar haar vingers. Onberingd is onbemind. Nog steeds kan ze niet aan het alleen zijn wennen. Het is, of er een levenslange vloek op ligt. Zijzelf was bepaald geen Dolle Mina. Of toch wel wat dol, maar over dat aspect denkt mevrouw Bulte liever niet na. Maar verder was zij een lieve, zorgzame vrouw. En toch lukte het haar niet om een trouwe gemaal te bemachtigen.
Het klinkt zo eenvoudig. Wat aan elkaar verwant is, zoekt elkander. Maar wie is er nu aan haar verwant? Ze is er te sloom voor. Gerard geeft ook geen toenadering. Niet, dat ze nog enige diepgang bij hem hoopt te vinden, hoor.
Welnee, het is meer een bergje. Alleen de buitenkant is voor hem belangrijk. Hij weet van de hoed en de rand. En dat botst met de aard van mevrouw Bulte. Vraag mevrouw Bulte hoeveel een ritje met de tram kost en ze weet het niet. Vraag haar hoe de afstandsbediening werkt en ze
weet het niet. Ze weet zo weinig. Het is een bitter lot als je niet alert bent. Maar Gerard bloeit juist op bij dat soort dingen. Hij zwelt er van. Nee, Stientje, dat is de hendel niet, de hendel zit daar! Druk maar op het groene knopje. Nee, niet dat knopje, dat is van een ander ding. Maar verder is Gerard een leeg vat. Hij weet niets over de zielenroerselen van een mens.
Mevrouw Bulte probeert hem steeds op te zwepen tot medemenselijkheid. Dat is een van die belangrijke taken van een vrouw. ‘Gerard,’ zegt ze dan, ‘Het is onvoorstelbaar, hoe goed jij kunt tafeldekken. Er ontbreekt werkelijk niets!’ Daar groeit een man van. Anders worden het helemaal stakkers. ‘Kun je dat uit je hoofd uitrekenen! Zo
bijzonder!’
Dat vindt hij vanzelfsprekend, hoor, dat je voor hem het toneel opgaat. Maar voor haar schrijfsels heeft hij geen enkele belangstelling. Hij schaamt zich er zelfs een beetje voor. Nooit mag ze iets van hem voordragen.
Maar mevrouw Bulte wil geen pijn voelen. Een
mens mag niet kinderachtig zijn. Juist daar komt de kracht van de vrouw om de hoek kijken. Een vrouw geeft geen krimp. Zij is de muze en laat haar eigen talenten ten ondergaan ten bate van de man. Heb je in de geschiedenis ooit een vrouwelijke Rembrandt gezien? Een vrouwelijke Mozart? Michelangelo… Mevrouw Bulte snuift. In de geschiedenis waren er maar weinig vrouwelijke uitspringers. Een enkeling misschien, maar dan was dat adel. Toch hebben vrouwen evenveel talent als mannen. Dat moet haast wel. Dat zal wel wetenschappelijk bewezen zijn. Maar de vrouwen maakten een offer ten bate van de natie, ten bate van het nageslacht.
Wel zonde eigenlijk, van al dat talent. Mevrouw Bulte fronst haar voorhoofd. Maar in een collectief licht gezien, hebben ze een sterke gemeenschap gesmeed. Kom daar vandaag de dag maar eens om. Drijfzand is het.
Mevrouw Bulte heeft rode koontjes. Ze heeft nu eenmaal vreemde gedachten, die ze niet denken mag. Rebelse gedachten. Laat de schone Femke Halsema ze maar niet horen. Dat is zo’n bijzondere vrouw. Ze heeft iets van Liz Taylor. Maar alleen uiterlijk. Innerlijk is het een dijk van een vrouw. Het grenst tegen het onwaarschijnlijke,
dat zoiets op aard bestaat. Zou zij een romanfiguur zijn, dan zou het science fiction betreffen. Maar ze bestaat echt en nog wel in het publieke oog. Nou, dan zijn die dolle Mina’s toch niet zo verkeerd bezig geweest. Als je zulke mensen kunt produceren. Mevrouw Bulte staat op en zet de televisie aan. Eens kijken, of ze nog meer van dat soort producten tegenkomt. Die zal ze dan ook eens aan een grondige beschouwing onderwerpen.

Meer informatie:
https://robscholtemuseum.nl/?s=Henriette+Bucciarelli