Stine Jensen – Maximale maskerades: Over het kameleontische schrijverschap van Joost Zwagerman

I Er bestaan kritiekloze bewonderaars van Joost Zwagerman. Er zijn ook fervente tegenstanders. Maar het lijkt me onwaarschijnlijk dat er in Nederland iemand rondloopt die geen mening heeft over het fenomeen Joost Zwagerman. Hij schrijft serieuze of oppervlakkige literatuur, is volwassen of puberaal. Een middenweg is er niet. Ik heb zelden een kritiek over Zwagermans werk gelezen waarin de journalist blijk gaf van een diepe worsteling, een innerlijke verscheurdheid of een onthutste vertwijfeling. Vaker worden stellige of ironische oordelen geveld, soms al in de openingszin. De tegenstanders openen als volgt: ‘Het leven is te kort om boeken van Zwagerman te lezen’ (Ronald Plasterk), ‘Een schrijver van de buitenkant. Meer niet’ (Tom van Deel), ‘Deze krant heeft een kinderpagina, dus, zo kan men zich afvragen, waarom geen adolescenten pagina? Deze recensie zou dan op die pagina thuishoren want hij gaat over het nieuwe boek van Joost Zwagerman’ (Willem Otterspeer). Voorstanders formuleren het zo: ‘Zijn boeken zijn hard nodig’ (Jeroen Vullings) of zo: ‘Goed gedaan, Joost! Ik had het zelf niet beter kunnen bedenken’ (Max Pam). Het eerste boek van Zwagerman dat ik las was Gimmick!, de snelle zoned-out roman waarin voortdurend stuifmeel fijne cocaïne neerdwarrelt en XTC tabletten als kralen van … Meer lezen over Stine Jensen – Maximale maskerades: Over het kameleontische schrijverschap van Joost Zwagerman