Mirjam Stienstra – Interview met Rob Scholte: ‘Als de mensen beter wisten, hadden ze het echt wel beter gedaan’

‘Alles wat er om mij heen gebeurt, maakt het museum alleen maar sterker!’

Ik had Rob al een aantal keren voor dit gesprek ontmoet en gesproken, maar nu, belangrijker dan ooit, hem gevraagd om een interview. Belangrijk, omdat we volgens mij leven in een tijdsgeest, waarin velen van ons normen en waarden zijn kwijtgeraakt en prioriteiten verwisselen. Kunst en haar geschiedenis is zo belangrijk geweest voor de mensheid, en nog steeds. Waarom worden deze initiatieven niet compleet gesteund, daar waar zij hedendaags en in ontwikkeling zijn?

Ik praat met Rob Scholte, van het Rob Scholte Museum.

Wie was Rob Scholte in z’n jeugd en wie is Rob nu?

Goeie vraag. Wat ik mij herinner, is, denk ik, dat ik een hele rustige bescheiden jongen ben geweest. Maar of mijn moeder dat beaamt is zeer de vraag. Wij zijn in mijn jeugd veel verhuisd, waardoor ik me steeds weer leerde aanpassen aan nieuwe en wisselende omstandigheden. Mijn vader ging na een afgebroken rechten studie destijds werken voor mijn opa, die een drogisterij keten in de Amsterdamse Rivieren buurt had. Lekstraat, Rijnstraat, Maasstraat, enzovoort, hij had daar filialen van Fransen Drogisterijen. Maar mijn grootvader zag niets in de modernisering naar zelfbedieningszaak, zoals mijn vader hem voorstelde. Mijn pa neemt ontslag en gaat voor Albert Heijn werken, de kruidenier, waar hij wel zijn ideeën kon ontplooien en ontwikkelen. Lang leve de supermarkt!
Mijn opa ging failliet en sleet zijn laatste dagen als kaartjes verkoper in het Olympisch stadion, Hij kreeg van de directe omgang met zijn buurtbewoners nooit genoeg. Maar goed, wij verhuisden achter het hoofdkwartier van AH aan. Van Zaandam, woonden in Castricum, tijdelijk naar de provincie Utrecht, gingen in Doorn wonen, daarna, toen de nieuwbouw af was, terug naar Zaandam en zijn we naar Heiloo verhuisd. In Alkmaar mijn middelbare school gedaan. Christelijk Lyceum en daarna de Gemeentelijke HAVO.
Dat steeds verhuizen heeft voordelen en nadelen. Ik verloor natuurlijk steeds mijn vriendjes en vriendinnetjes, maar kreeg er ook weer nieuwe voor terug. Doordat je steeds opnieuw begint kon ik mezelf introduceren als Rob in plaats van Robert, mijn voornaam veranderen. Van dat Robert ben ik zo mooi afgeraakt.
Ik nam het vroeger m’n ouders wel kwalijk, dat aldoor verhuizen, maar ik ben er achteraf wel blij mee door de groei, die ik daardoor meemaakte, de wendbaarheid en kracht, die ik kreeg. Wie Rob Scholte nu is, ja, daar is al heel veel over gezegd, zijn hele boeken over geschreven. Aan die misverstanden wil ik eigenlijk niet nog meer toevoegen.

Wat is liefde voor jou, Rob?

Ik denk, dat ik nog steeds niet helemaal snap wat liefde voor mij betekent. Liefde is voor mij als mensen elkaar steunen en in hun waarde laten, zodat ze beiden kunnen groeien.
Het mooiste is natuurlijk de onbaatzuchtige liefde, waarvoor je niks terug verlangd, ik hou eigenlijk van alle mensen, want ze zijn op zich zo fascinerend. Iedereen is in principe de moeite waard en als ze het nu niet zijn, waren ze het of gaan ze het nog worden. Iedereen is op één moment in zijn leven mooi. Sommigen als baby, anderen als grijsaard. Iedereen is onze liefde en aandacht waardig. Ik kan niet goed haten of zo. Als de mensen beter wisten, hadden ze het echt wel beter gedaan.

Als je dan kijkt naar een gemeente als Den Helder?

Ja, dan denk ik ook, vergeef ze, want ze weten niet wat ze doen. Kijk, Den Helder is niet alleen een defensie stad, maar vooral ook een defensieve stad. Deze stad is bij voorbaat in het defensief tegen iedereen, die hier nieuw binnenkomt. Ik heb het idee, dat dat absurd genoeg niet geldt voor bijvoorbeeld de Somalische vluchtelingen, want die krijgen warm onthaal en een innige omarming van de burgemeester.
De categorische afwijzingen gelden vooral voor de anders denkenden, die een gevaar vormen voor het bestaande systeem van corruptie en vriendjespolitiek.
Een Belgische vriend van mij, Jan Haerynck, was eens bij me op bezoek. Hij neemt al een tijdje waar, wat er hier gebeurt. Vanuit het perspectief, zoals Jan Wolkers dat vanaf Texel had. Mijn vriend vergelijkt het bestuur en de bewoners van Den Helder nog het meest met een soort van Amazone stam. Deze indianen rijgen alle niet Jutters, die langs komen, al bij voorbaat aan de spies.
Ik voel hier een soort zelfgenoegzaamheid. Dat is, toen ik hier kwam wonen en werken, wel het laatste, dat ik had verwacht. Er is me meteen al verteld, dat ik nu over ging naar een ander inlichtingendienst regime, van de AIVD naar de MIVD. Misschien maakt dat het verschil.
Ik was op geen enkele wijze klaar voor wat ik hier de laatste vier jaar heb meegemaakt. Jaren verblijf in Brussel, Kassel, Nagasaki en Tenerife hebben me hier niet op kunnen voorbereiden. Terwijl mijn enige intentie, toen ik hier aankwam, is iets leuks te doen voor de stad, de mensen en voor mezelf. Als het leuk is voor anderen, is het automatisch ook leuk voor jezelf en andersom.

Waar vind je de kracht nog om door te vechten, terwijl gemeente Den Helder het je zo moeilijk maakt?

Ik kan niet tegen onrecht, anderen aangedaan, maar ook naar mezelf toe niet, dan kom ik in opstand. Er wordt in Den Helder een soort semi vooruitgangsideaal nagestreefd, wat als consequentie heeft, dat al het oude, dat bewezen heeft leuk en de moeite waard te zijn, wordt gesloopt. Er wordt hier niet gekeken naar wat echt waarde heeft en dus zou moeten blijven bestaan. Dit is de werkelijke reden voor de leegloop van deze stad.

Welke lessen geef je aan je kinderen mee?

Dat je jezelf moet redden om jezelf te redden! Dat er niks mis is met ze en dat ze compleet zijn, zoals ze zijn. Ik hoop, dat ze gaan doen wat ze zelf willen, dat ze zichzelf gaan realiseren. Zelf ontdekken hoe de wereld in elkaar steekt. Door wat ik in mijn leven heb meegemaakt, kijk ik nu op een bepaalde manier naar de wereld. Voor hen ligt dat anders, omdat zij het niet zo hebben meegemaakt. Gelukkig zijn we allemaal anders, ook dat leer ik van mijn kinderen. Ik denk overigens, dat ik in de praktijk meer van hen leer, dan zij van mij.

Wat zou je nog willen in dit leven, waar ben je naar op zoek?

Ik wil heel graag mijn museum neerzetten, zoals het door mij bedoeld is. Het is heel jammer, dat ik deze woorden nu als wens moet uitspreken. Alles, wat er om mij heen gebeurt, maakt het museum alleen maar sterker. Als het mogelijk is, zou ik graag weer rustig willen werken zonder afgeleid te worden door ambtenaren. Mn bibliotheek weer opbouwen. Eigenlijk gewoon doorgaan met alles, wat ik aan het doen ben. Mooie nieuwe projecten laten ontstaan. Inspireren!
Ik ben natuurlijk wel veranderd door de jaren lange strijd met de instanties. Groot pluspunt voortvloeiend uit deze situatie zijn mijn nieuw verworven vaardigheden op gebied van het internet en de sociale media.

De gemeente Den Helder zegt, dat er een potentiële koper is voor dit pand, weet je wie dat is? Zou je daarover iets willen zeggen?

Ik weet daar niets van. De enige persoon, waarvan ik weet dat deze het wil kopen, dat ben ik zelf. Wat ik denk is, dat het verkocht moet worden om het te kunnen slopen. Met de huidige inrichting van het stationsplein heeft men de tuin van het nieuw te bouwen stadhuis alvast aangelegd. Ons gebouw staat nu en dat is heel bewust gedaan, scheef op de kaart, waardoor men hoopt te forceren, dat het pand van de kaart geveegd kan worden. Wij gaan pas open, wanneer alle aan ons beloofde en door ons opgeknapte nieuwe ruimten voor het publiek kunnen worden open gesteld. We zijn inmiddels 929 dagen onderweg en ik blijf hopen, dat we op uiterlijk de 1000e dag echt open kunnen gaan. Het museum is en blijft natuurlijk open, maar bevroren, in staking.
De gemeente wil, dat we op 1 juli, over minder dan een week, het pand leeg en bezemschoon opleveren, maar dat gaat uiteraard niet zo gebeuren.
Ik ervaar alles, wat me hier in Den Helder is overkomen, als een soort tweede aanslag. De bom is geplaatst door een anonieme ploert, zoals Henk Hofland de dader noemde. Nu heb ik te maken met een gezichtsloos veelkoppig monster. De tijdspanne is anders. Een knal is kort. De aanval op het museum duurt al vanaf het allereerste begin en vier jaar is tergend lang. Het lijkt, of men zich tot doel gesteld heeft de hele door mij opgebouwde wereld te vernietigen, zowel mijn kunst als mijn persoon.
De wet geldt wel voor de een, maar niet meer voor de ander. De handtekening van een wethouder in het bijzijn van getuigen is tot dusver niets waard gebleken. Nu gaat uitkomen, of de rest van Nederland daar net zo over denkt.

Heb je nog iets wat je wilt delen?

Dat ik werkelijk hoop, dat de aangiften tegen burgemeester Koen Schuiling nu eindelijk eens echt door de Rijksrecherche of een ander onafhankelijk orgaan worden onderzocht in plaats van door zijn eigen politiekorps Noord-Holland-Noord. Het is toch te gek, dat burgemeester Schuiling steeds het onderzoek naar zichzelf mag leiden. Zo ziet hij de uitslag van het onderzoek naar alle aangiften tegen zijn persoon steeds vol vertrouwen tegemoet.

‘Rob, ik wil je oprecht danken voor dit openhartige gesprek en hoop, dat het RSMuseum wordt, wat jij voor ogen hebt, zodat je verder kan gaan met mensen inspireren. Ik wens jou en je mooie gezin enorm veel liefde en geluk toe. Ook ik hoop op rechtvaardigheid en een eerlijk proces, liefs Mirjam’.

HollandsStijl, 27 juni 2017

https://www.hollandsstijl.nl/art-en-music/als_de_mensen_beter_hadden_geweten_hadden_ze_het_wel_gedaan

1 Comments

  1. “Ik denk, dat ik nog steeds niet helemaal snap wat liefde voor mij betekent”.

    Liefde is onbeperkt. Snappen is een beperking.

Leave a comment

Your email address will not be published.

*